De invloed van AI op arbeidsmarkt en samenleving
Sinds de introductie van ChatGPT in de afgelopen drie jaar heeft generatieve kunstmatige intelligentie (AI) de krantenkoppen gedomineerd en de manier waarop men over werk en technologie denkt, drastisch veranderd. Verschillende visies op AI brengen uiteenlopende voorspellingen met zich mee. Sommige waarnemers verwachten grootschalige werkgelegenheidsverliezen, toegenomen toezicht en vermindering van autonomie, terwijl anderen geloven dat AI kan bijdragen aan het verlichten van werklasten, het verbeteren van dienstverlening en het versnellen van innovatie en productiviteit.
De vraag wie de koers bepaalt in deze ontwikkelingen is volgens velen cruciaal. Het debat draait niet alleen om de technologische mogelijkheden, maar ook om de machtsverhoudingen die bepalen hoe AI wordt toegepast. Wanneer werkgevers en vakbonden vroeg in het proces betrokken worden, kunnen ze problemen in latere stadia voorkomen. Voorzitter Oliver Roethig van UNI Europa, een federatie van vakbonden in de privé-dienstensector, benadrukt dat een proactieve betrokkenheid helpt voorkomen dat werknemers het gevoel krijgen dat AI wordt opgedrongen.
Perspectieven en zorgen van werknemers
Volgens Roethig ervaren veel werknemers het dubbelzinnige karakter van generatieve AI: aan de ene kant zien ze het potentieel om taken te vereenvoudigen, problemen te voorspellen en betere service te bieden; aan de andere kant maken ze zich zorgen over controleverlies over data, beslissingen en vaardigheden. Dit spanningsveld voedt voortdurende discussies over de impact van AI op arbeidsomstandigheden.
Nieuwe voorspellingen over AI en de arbeidsmarkt worden regelmatig gepresenteerd. Een recente studie van de Duitse overheid voorspelt dat 120.000 banen kunnen verdwijnen, terwijl The Guardian aangeeft dat AI in het Verenigd Koninkrijk mogelijk drie miljoen laaggeschoolde functies tot 2035 zal vervangen. Het Massachusetts Institute of Technology (MIT) concludeert dat AI mogelijk 11,7 procent van de banen in de Verenigde Staten zal elimineren. Toch tonen de meeste recente studies dat het merendeel van de impact op de arbeidsmarkt momenteel in transformatie ligt, en niet in volledige vervanging van banen.
Toepassingen en voorbeelden uit de praktijk
In sectoren zoals de telecommunicatie, waar infrastructuur voor AI wordt onderhouden en toegepast, is de werkelijke impact al zichtbaar. Het Italiaanse telecombedrijf TIM gebruikt generatieve AI om klantgesprekken te transcriberen en te analyseren, waardoor problemen sneller kunnen worden voorzien en de dienstverlening verbetert. Clara Fabiola Oliva, vicepresident AI bij TIM, vertelt dat het bedrijf ook digitale tweelingen van klanten heeft ontwikkeld, gebaseerd op verzamelde data, waarmee nieuwe producten getest kunnen worden zonder directe klantcontacten.
Een gezamenlijk statement van UNI Europa en de European Telecommunication Employers Association erkent de positieve potentie van AI, maar wijst ook op de noodzaak van een evenwichtige aanpak. Het benadrukt het belang van het naleven van ethische normen, wettelijke eisen en fundamentele rechten binnen een ‘ecosysteem van vertrouwen’, waarin AI verantwoord wordt ingezet.
Eigenheid en risico’s van AI
Deze aanpak omvat onder meer het gebruik van AI onder menselijk toezicht om discriminatie en misbruik te voorkomen, evenals versterking van sociaal overleg en collectieve arbeidsovereenkomstvorming bij implementatie van nieuwe technologieën. Nog complexer wordt het wanneer AI foutief of illegaal gegenereerde informatie produceert, wat kan leiden tot beveiligingsrisico’s en inefficiëntie. Sectoranalist Rebecca Davies van Visionary Analytics stelt dat de verantwoording voor dergelijke fouten soms op de werknemers wordt afgeschoven.
Hoewel de voordelen van generatieve AI, zoals automatisering en verhoogde productiviteit, duidelijk zijn, blijven de resultaten op grote schaal vaak onduidelijk en niet eenduidig bewezen. Overdreven verwachtingen kunnen leiden tot een druk op werknemers en het verlies van vertrouwen. Daarnaast vormt ongelijke toegang tot opleidingsmogelijkheden voor onder meer oudere werknemers, vrouwen en medewerkers van kleinere bedrijven een risico op toenemende ongelijkheid.
Investering in opleiding en ethisch gebruik
Ook sectorbreed wordt benadrukt dat meer investeringen nodig zijn om werknemers geschikt te maken voor AI. Alessandro Gropelli, algemeen directeur van Connect Europe, onderstreept dat netwerkbedrijven een essentiële rol spelen in AI-infrastructuur en dat een verbeterd investeringsklimaat noodzakelijk is om te zorgen dat telecombedrijven meer kunnen investeren in het opleiden en upskillen van hun personeel.
Deze discussies over scholing en ethische toepassing van AI zijn niet louter theoretisch. In heel Europa hebben vakbonden en bedrijven al baanbrekende akkoorden gesloten. Bijvoorbeeld, in Italië heeft een cao met contactcenterbedrijf Konecta Italia regels opgesteld dat werknemers geïnformeerd moeten worden vóór implementatie van AI, inclusief een proefperiode van twaalf maanden en evaluaties. Daarnaast creëren ze een comité met gelijke vertegenwoordiging van werknemers en werkgevers dat elke drie maanden verbeteringen voorstelt.
Cruciaal is dat het gebruik van AI niet is toegestaan voor disciplinaire maatregelen of beoordeling op basis van verdiensten. Daarnaast worden opleidingsprogramma’s opgezet en worden vakbonden betrokken bij het monitoren van de impact. Hierdoor zullen contactcentermedewerkers, niet alleen in de telecomsector, mogelijk vanaf operationeel werk doorgroeien naar rollen in toezicht en verificatie.
Over het algemeen zullen werknemers, via de juiste sociale dialoog, verschuiven naar functies met hogere vaardigheden, zoals het beheren van data en processen rondom AI. Zonder vertrouwen van werknemers in de hulpmiddelen en technologie zal een succesvolle invoering echter moeilijk zijn, stelt Birte Dedden van UNI Europa. Zij benadrukt dat effectief gebruik alleen mogelijk is wanneer werknemers erop vertrouwen en actief betrokken worden bij het proces.
De rol van vakbonden en de toekomst van AI
UNI Europa vertegenwoordigt zeven miljoen werknemers in de dienstensector, verbonden via 242 nationale vakbonden uit 50 landen. Zij zetten zich in voor het veilig en eerlijk gebruik van AI binnen en buiten de ICT-sector, en voor het waarborgen van sociale normen en arbeidsrechten die nodig zijn om de transitie in goede banen te leiden.





