De uitdaging van handhaving en de rol van technologie
Verschillende Europese lidstaten, waaronder Frankrijk, overwegen een verbod op het gebruik van sociale media voor kinderen onder de vijftien jaar, gestuwd door zorgen over de impact op de mentale gezondheid. Frankrijk pleit voor een volledige restrictie onder deze leeftijd, maar het land beschikt niet over de bevoegdheid om sociale mediaplatforms daartoe te verplichten. Alleen de Europese Unie kan hier een bindende regelgeving opleggen.
Volgens een Amerikaanse studie uit 2019 verdubbelt intensief gebruik van sociale media de kans op mentale gezondheidsproblemen bij kinderen onder de vijftien. De meeste tieners besteden tegenwoordig bijna vier uur per dag aan het consumeren van socialemediaconsumptie.
Hoewel Frankrijk en andere lidstaten zoals Griekenland, Spanje en Denemarken soortgelijke wetgevingen of voorstellen hebben ingediend, ontbreekt het momenteel aan een betrouwbare, universele verificatiemethode om de leeftijd van gebruikers effectief te bevestigen of te weigeren. Dit vormt een grote belemmering voor de Europese Commissie om strengere regels af te dwingen.
De ontwikkeling van een EU-brede verificatie-infrastructuur
De Europese Commissie heeft de uitdaging erkend en ontwikkelt momenteel een verificatie-instrument genaamd de e-ID-wallet. Dit digitale portemonneetje maakt het mogelijk voor gebruikers om zich snel en veilig te identificeren via mobiele apps, overal binnen de Europese Unie. Een aantal landen, waaronder Frankrijk en Spanje, test al met dit systeem, terwijl de EU haar richtlijnen afrondt.
Het is essentieel dat het identificatieplatform niet alleen werkbaar is, maar ook de privacy en de beveiliging van persoonlijke gegevens waarborgt. Pas vanaf komend jaar wordt de verplichting voor lidstaten om een e-ID-wallet te implementeren, en naar verwachting zal tegen 2027 elke EU-lidstaat over een dergelijk hulpmiddel beschikken dat kan worden ingezet door socialemediabedrijven om toegang te beperken.
De complexiteit van het vaststellen van een gezamenlijke leeftijdsgrens
Hoewel de beschikbaarheid van een verificatietool veelbelovend is, lost dat niet alle problemen op. Het invoeren van strengere regels kan leiden tot afwijkingen tussen lidstaten. Sommige landen zouden tot hogere leeftijdsgrenzen kunnen blijven vastleggen, terwijl anderen mogelijk kiezen voor lagere grenzen. Ook kunnen bestaande restricties verschillen van land tot land, doordat men niet over een gezamenlijke EU-standaard beschikt.
Dit brengt tot nadenken over de mogelijkheid van het vaststellen van een uniforme leeftijdsgrens binnen de EU. Dit onderwerp wordt momenteel al serieus besproken in Brussel. Er is geen lidstaat die openlijk tegen deze maatregel is, hoewel sommige — zoals Oostenrijk en Italië — pleiten voor het rekening houden met nationale situatie, vooral waar lagere limieten bestaan.
Een mogelijke uitkomst zou kunnen zijn dat de EU instemt met een minimumleeftijd, bijvoorbeeld 13 jaar, waarbij lidstaten de vrijheid behouden om strengere regels toe te passen. Zo blijft de EU opereren binnen een politiek haalbaar kader, waarin flexibiliteit wordt gecombineerd met gezamenlijk beleid.
De rol van de journalist en toekomstige ontwikkelingen
Léa Marchal, journalist gevestigd in Brussel met uitgebreide ervaring in EU-zaken, belicht in haar werk de voortgang en uitdagingen rondom deze regelgeving. Ze is onder andere de host van de dagelijkse podcast Briefed, een platform dat inzicht biedt in belangrijke Europese kwesties en ontwikkelingen.





