De Europese Rekenkamer oordeelt over het nieuwe EU-begrotingskader voor 2028-2034

De belangrijkste bevindingen van de Europese Rekenkamer

Op woensdag 28 januari heeft het Europees Rekenkantoor (ECA) haar advies gepubliceerd over de financiële regels voor het volgende lange termijn EU-budget, het zogeheten meerjaarlijks financiële kader (MFK). Voor het eerst wordt in dit nieuwe EU-budget inkomsten verwerkt die gebaseerd zijn op niet-inheemse afvalstoffen zoals elektronisch afval en accijns op tabak, naast bijdragen van bedrijven met een jaarlijkse omzet van meer dan €100 miljoen.

Volgens de auditors zullen de lidstaten echter nog steeds een stijging in hun bijdragen zien van 48 procent in vergelijking met het vorige MFK. Dit betekent een verhoging van €140,7 miljard tot €208,5 miljard. De toezichthouders, gevestigd in Luxemburg, baseerden hun oordeel op een verzoek van het Europees Parlement, dat momenteel onderhandelt over het voorstel samen met de EU-Raad, waarin de lidstaten vertegenwoordigd zijn.

Het nieuwe MFK bestrijkt de periode van 2028 tot 2034 en heeft een totale omvang van €2 biljoen. Hoewel dit een stijging van 59 procent betekent ten opzichte van het huidige MFK, is het slechts 1,26 procent van het bruto binnenlands product (BBP) van de EU.

De ontwerp begroting werd in juli 2025 door de Commissie gepresenteerd, te midden van haar lopende pakket van vereenvoudigingsmaatregelen. Voor dit MFK betekent dat onder andere minder hoofdindelingen, van zeven naar vier, en een sterke vermindering van het aantal programma’s van 52 tot 16.

Verschuivingen in structuur en beheer

De hoofdindelingen vertegenwoordigen de zeven belangrijkste uitgavencategorieën van de EU-begroting, die maximale, meerjarige, wettelijk bindende uitgavencaps aangeven. Daarnaast zal het aandeel van de begroting dat gezamenlijk door de Commissie en de lidstaten wordt beheerd, met ongeveer 20 procent afnemen, van 66 naar 46 procent.

Jan Gregor, EU-auditor uit Tsjechië, vertelde aan EUobserver: “Iedere MFK heeft zijn eigen regels en dat is niet uitzonderlijk. Het idee is altijd geweest om het te moderniseren, zodat het beter aansluit bij de actuele uitdagingen.” Hij wijst erop dat er in het huidige MFK veel gevraagd is om flexibiliteit, vooral vanwege onvoorspelbare gebeurtenissen.

Hij voegde eraan toe: “Het is natuurlijk mogelijk om te veel te vereenvoudigen. Dat willen we niet, omdat dat de transparantie kan bemoeilijken; het plannen wordt minder duidelijk en het wordt lastiger te traceren waarop het geld wordt uitgegeven.”

Rekening houden met prestaties en monitoring

Het voorgestelde MFK bevat bepalingen voor terugbetaling op basis van het bereiken van bepaalde mijlpalen en doelstellingen. Gregor merkt op: “Dit is iets waarover we kritisch zijn geweest in verschillende rapporten over het Herstel- en Veerkracht-faciliteit (RRF), vooral in de context van de Covid-pandemie. Hoe dit in de praktijk zal werken, moet nog blijken.”

Het model voor terugbetaling vereist mechanismen om de voortgang in elke lidstaat te monitoren. Gregor zegt: “Volgens ons is dat nog niet voldoende ingebouwd. We hopen dat de Commissie dit zal regelen, maar succes is niet gegarandeerd.”

Nieuwe inkomstenbronnen en de verdeling van financies

Tot nu toe bestaan de ‘eigen middelen’ van de EU uit onder meer het CO2-grensaanpassingsmechanisme (CBAM) en het emissiehandelssysteem (ETS). Het nieuwe budget stelt drie nieuwe mechanismen voor om inkomsten te genereren: niet-gelicentieerde elektronische afvalheffingen (e-waste), accijns op tabak (TEDOR) en een bedrijfsbijdrage aan Europa (CORE) — een vast jaarlijks bedrag dat vanaf bedrijven met een jaaromzet van meer dan €100 miljoen wordt geheven.

Volgens de voorstellen moet elk jaar €58 miljard worden gegenereerd via deze mechanismen gedurende de looptijd van zeven jaar. Hiermee verwacht de Commissie dat de financiële lasten voor de lidstaten zullen afnemen, maar uit de audit blijkt dat de lidstaten nog steeds 77 procent van die extra inkomsten moeten opbrengen.

Impact op nationale bijdragen en planning

De auditors schatten dat de grotere EU-begroting zal leiden tot een aanzienlijke toename van de nationale bijdragen: 48 procent meer, van €140,7 miljard tot €208,5 miljard. Een akkoord tussen het Parlement en de Raad over het nieuwe MFK wordt gepland voor eind 2026, zodat het op tijd kan ingaan.

Het is de bedoeling dat deze besprekingen op schema blijven lopen, zodat het nieuwe budget uiterlijk op 1 januari 2028 van kracht kan worden. Een succesvolle afronding is daarbij essentieel voor de continuïteit van de EU-financiering.